Frisdrank is eigenlijk een heel breed begrip, sommige mensen gebruiken het woord voor de meeste dranken die ze thuis hebben staan op alcoholische en zuivelproducten na. Een ander gebruikt het alleen voor het koolzuurhoudende drinken. Het woord frisdrank is bedacht voor de koolzuurhoudende limonades ook wel priklimonade genoemd. Volgens de Nederlandse Warenwet worden ook niet koolzuurhoudende limonades, sportdranken en energydranken als frisdrank genoemd. Ze zeggen dat een typische frisdrank bestaat uit koolzuurhoudend water, suikers en aroma’s. daarnaast kunnen er nog vruchtenextracten hulpstoffen zijn toegevoegd aan het drankje.

In de winkels zijn enorm veel frisdranken verkrijgbaar. Hierbij kun je natuurlijk denken aan sinas, cola, 7up en cassis. Maar daarnaast kun je ook nog denken aan niet koolzuurhoudende dranken als niet-prik ijsthee, appelsap en sinaasappelsap. Vaak zijn dit de meest gedronken drankjes of de bekendste. Kinderen komen al vroeg met limonades in aanraking. Op jonge leeftijd krijgen de meeste kinderen namelijk limonade en roosvicee pas op latere leeftijd krijgen ze ook te maken met de koolzuurhoudende dranken.

Overal ter wereld is frisdrank verkrijgbaar, van Horeca Groothandel tot de supermarkt. en ook bijna alle zelfden soorten zijn verkrijgbaar maar onder een andere naam. Zelf zijn er nu light producten in de aanbieding deze frisdranken hebben een lager suiker percentage en is dus beter voor je dan wanneer je een product koopt die vol zit met suikers.

Frisdrank is niet altijd hier in Nederland geweest, dit is pas na de tweede wereldoorlog hier naar toe over gevlogen. We zien ook dat de verpakkingen in de 20e eeuw zijn veranderd, de meeste verpakkingen zijn nu petflessen of aluminium blikjes. In 2006 bleek dat een Nederlander gemiddeld 98 liter frisdrank in een jaar drinkt.